Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Over. den BEHEMOTH. 517

kinder-fpel, of een belachelijk nabootfen van onze handelingen; maar laat in al zijn doen en houding' grootheid , deftigheid, en eene foort van welvoeglijkheid blijken: en zal alleenlijk den geenen , die hem met gekkernijen en befpottelijke beledigingen tergt, en vergeet dat hij ook vergramd en toornig worden kan, op zijnen tijd, zijne wraak wel krachtig doen voelen, en de aangedaane verongelijkingen betaald zetten ■ Dit hebt Gij,

onze goedertierene God, en Schepper der weereld! Gij alleen hem geleerd! Wij zouden het voor lief hebben moeten nemen, indien Gij hem even zoo woedend, als groot en zwaar, gemaakt had. Uwe is de aarde , de menfchen, de dieren, de visfchen, de planten, de boomen zijn Uwe. In Uw licht, dat de geheele natuur bezielt, en leven geeft, verheugt zich de oliefant, en het infekt, het geene hij van zijne rust-plaats wegademt, Alle Uwe werken zijn goed, en roepen luidkeels . dat ze van U zijn. Groot zijt Gij, voorwaar, in wijsheid en wcldaadigheid.

En het is hier aanmerklijk, dat tusfchen he hersfen-geltei van dit dier en dat der menfchei eene zoo groote overeenkomst ontdekt word. D< holten der hersfenen, zegt de Hr. Camper, zij zeer gelijk aan die van den mensch, insgelijks d plexus choroidei, de crura fornicis , de ventriculu tertius en quartus. Ik ttond verbaasd, toen i zulk eene overeenkomst vond tusfchen de glandul pinealis, de nates en testes van dit dier, en 1 geene in onze hersfenen is.

Kk 3 C

Toe:ift.

1 ï

s

z (t

t-

m

Sluiten