Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

26 JEZUS LEVENSGESCHIEDENIS ning van Jezus gedrag, door God zeiven, en zo opentlijk voor het oog der Weereld, fchetst op het allerlevendigst, ja zelfs op de zinnelijkfte wijze, ter onderrigting van het Menschdom , Gods bijzonder welbehagen in zedelijke deugd, in het gehoorzamen van zijne wetten, en wel inzonderheid, in die hoofddeugden, de liefde jegens God en den Naasten, welke Jezus, in zijne prediking, als de eerfte deugden, als de voornaamfte geboden van God, heeft aangeprezen. Elk Mensch kan daar door duidelijk geleerd, en volkomen overtuigd worden, dat hij, om zig aangenaam bij God te maken en zig van zijne gunst te verzekeren , God en zijne medemenfehen beminnen, en uit deze beginzelen, zijnen Schepper volftandig gehoorzamen moet; dat God daar in een bijzonder welgevallen heeft, en genegen is, om zulks met onfterflijkheid, en geluk te beloonen. Zowel de lotgevallen van Jezus, als zijne prediking, konden derhalve , dienen, om de menfchen van de zonde afkeerig, om hun de deugd, als Gods welbehagen, beminnelijk te maken, om hun het laatfle als hun waare belang te doen kennen, en tot het betragten daar van bereidwillig te doen worden.

Uit deze bijgebragte voorbeelden kan men genoeg opmaken, het geen ik in deze Afdeeling wil beweeren, dat de gebeurtenisfen tot Jezus Levensgefchiedenis behoorende, of zijne bijzondere daaden en lotgevallen , niet alleen tot een algemeene onderrigting en verzekering, van het geen Jezus geopenbaard en geleerd heeft, kunnen dienen; maar dat ook onder-

fchei-

Sluiten