Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*?m%%m 151

-natuur mijn, in zo ver ik ze geniet? en welk een bron van genot legt alleen in't overëenkomftig gevoel! — ik vrees gy kent dezen bron niet, Bachidés, - en by dat alles heVik een vriend.

,, Intusfchen leeft gy doch van bonen en wortelen, gaat in grof laken gekleed, en woont, gelijk men zegt, in een vat. "

Wanneer gy my gezeïfehap houden wirt, zullen wy in mijn zomerhuis wonen ; het legt niet ver van hier aan den oever, en heeft het prachtigst uitzicht

van de wereld; want voor ons

beiden is mijne ton te nauw. — 't is wél, inderdaad, maar een zoort van hol, door de natuur zerf uitgegraven; maar ikheb alle nodige behoeftens daarin ; dorre boombladeren tot een bed, en een gladde iteen tot een difch.

„ Ik neem uweaanbieding aan, in die hoop, dat gy grootmoedig genoeg zijn K 4 zult,

Sluiten