Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'tragt te brengen. Of het van aangelegenheid is dat dit onderfcheid tusfchen menfehen een einde neemt, laat ik aan zijne plaats, maar hoe zal men deze affchaffing doen gelukken, bij eene Natie welke veel eergieriger, dan eenige andere is, bij wien het verlangen om zig te verheffen het duidelijkfte kenteken is 't welk in haar character het meest' doorftraald? Gij zoud mij kunnen tegenwerpen, Mijn Heer, „ dat het Volk, jaloers over „ dit onderfcheid der rangen, blijde behoort te „ zijn dat het vernietigt worde, en 'er dus wei„ nig menfehen zijn welke zig door het Decreet „ beledigt vinden." Maar, waar fpruit deze jaloufie uit voort, is het niet, uit de onmogelijkheid , waar de meesten zig in bevinden, om zig boven de andere te kunnen verheffen? Men is paarijverig over het niet verkrijgen van het geen men wenscht; de onderfcheidingen van rang in de Maatfchappij zijn vernietigd, door de zucht om zich te onderfcheiden zelve. Maar indien het waar is, dat men in Vrankrijk meer dan in andere Landen tot het onderfcheidende geneigd is, befluit ik daar uit dat men eerst die neiging moest kunnen vernietigen , wanneer men zijne hoop wegneemd. Het is wel waar, dat veel aanzienlijke lieden 'er vrijwillig afftand van doen, maar, men moest de gloriezucht weinig kennen, om niet te weten dat men uit eerzucht van de e.ertijtels zelfs afftand kan doen, en het is daarom dat het Monarchaal beginzel fora wijl en de zelfde uitwerkzelen als het Republikeinfche kan voortbrengen, fchoon dit wezenlijk onderfcheid

'er-

Sluiten