is toegevoegd aan uw favorieten.

Oostersche vertellingen, of De verhalen van den wyzen Caleb, Persiaensch reiziger.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vertellingen. 8i

zyne dochter ten echrgenoote fchonk. •

„ Laet ons vertrekken, dierbare Babelma,, dour" zeide hy tegen zyne gade, ,, ga ,, uw'vader vertroosten, kom, onderfteun „ my?.... ik heb moeite om my aen deze „ becooverende oorden te ontrukken; maer ,, ik hoorde ftem van uwen vader, hy roept „ zyne kinderen; kom, laten wy zyne be„ droefde ziel gaen verheugen", üusfpreekt hy en vertrekt, zyne traenen afwisfchende. De hoop van fpoedig weder te komen en Salem met zich te brengen, onderfteunde de moed van Nourzivan en mengde eenige verzachting door het afïcheid, en de droefheid, van de bitterlyk weenende bloedverwanten, die hem niet langer durfden houden. Babelmadour en haer echtgenoot kwamen , na zes maenden afzyns , by hunnen vader te rug, en hun byzyn maekte hem gelnkkig, zyn zoon durfde hem niet terftond voorflaen om de ftad , waerin hy geboren was, het huis, dat hy beminde, zyne oude vrienden, met welke hy van de dagen zyner jeugd fprak, te verlaten; maer hy onderhield hem dikwils over de gevoeligheid, over de wederzydfche teederheid van Barhem en Zulima $ ever de edelmoedigheid van Dalimeck, over F de