Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

22 MARIA VAN LALAIN, Ik'hoop het waard'te zyn; dit 's't geen myn hart begeeft. Gun my gehoor, mevrouw! Ik zal geenszins u vragen Wat Mondragon terftond aan u heeft voorgeflagen; Ik wacht niets van zyn' last, die u-alléén betrof, Dan 't geen men wachten moet van een arglistig hof.

Gy zult een' gryz' foldaat, gewoon aan 't oorlogsleven. Ten minfte hoop ik dit, zyn vrye taal vergeven. Dees ftad leed zonder u reeds 'twee van 't fier Mastricht; Ik ben u achting, trouw... ik ben u meer verpligt: De waarheid, die flechts fchaars de grooten kan bekoren, Dit is myn grootfte pligt, moet ik u vry doen hooren; De man,die haar verbergt, of haar geftrengheid vreest, Verdient onze achting niet; hy heeft een' lagen geest. Uw hart befchreit een'zoon!...Die droefheid fteunt op reden. Natuur laat in den mensch niet licht haar kracht vertreden; Te zwichten voor haar ftem is helden niet onwaard'. Farnefe zal uw' zoon verwyzen tot het zwaard: Indien gy Parma dringt van Doorniks muur te vlugten, Dan heeft uw zoon de dood voor 't oog van't heir te duchten; En zo de dwingeland begunstigd word door 't lot, Dan fterft uw zoon gewis in Doornik op 't fchavot. Zyn hoofd is in gevaar; men heeft my dit doen weten; Doch Parma is op hem min dan op my gebeten. Duld dat, voor 't geen gy deed, ik u erkentnis toon': Sta my één' voorflag toe, ter redding van uw' zoon.

M ARIA.

Een' voorflag om myn' zoon aanSpanjes wraak te onttrekken! Estreltes!... Welk een hoop! Wat kunt gy my ontdekken ?.., Gy hoopt dan dat men hem 't gevaar onttrekken zou! Wat kunt gy -/oor hem bien?

Es-

Sluiten