Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S'8 VERDEDIGING VAN

Dit zal genoeg zyn, ter verdediginge van Mofes aantekeninge, tervvyl het tcffens bewyst, hoe onkundig veele van die Bybelbeftryders , welke de heilige gefchiedverhaalen aanranden, in de Gcfchiedfchryvers zyn ; hoe onvernuftig die zelve menfchen, welke zoo veel voorwenden van vernuft, dan handelen, wanneer zy fchenzieke handen flaan aan de nebeurtenisfen , in het Oude Testament aangetekend.

Kan 'er iet onvernuftiger zyn, dan, wel te gelooven, dat het geen Mofes verhaalt, meer dan eens hebhe plaats gehad, zelf in oorlogen, tusfchen van weerzyden dappere en welgewapende volkeren; maar teffens te ontkennen, dat het waar kunne zyn, in een geval, in 't welk, aan de eene zyde, welgewapende, en van hunne overwinninge volkomen zekere Soldaaten; maar ter anderer zyde, onverwagt overvalle, niet in den Kryg ervaarne, hier en daar verflrooide vyanden gevon» den worden ? Welk eene dwaasheid ?

J O S U A VIII: «, a4.

Hier verhaalt de gewyde Schryver, dat de Tsraelite» de Mannen van Ai Jltegen, tot dat geen overige onder hen overig bleef, noch die ontkwam, vs 22. En wederom, vs 24, dat zy alle dooor de fcherpte des zwaards gevallen waren, tot dat zy alle vernield waren.

Een voorval, in 't welk een kundig Christen wel eene aanbiddelyke beftellinge der Goddelyke Regceringe eerbiedigt, maar zelfs niet* wonder-

daa-

Sluiten