is toegevoegd aan uw favorieten.

Mengelschriften zynde vrye gedachten over verschillende onderwerpen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GEEN VER.NÈDERING. Ü3

Met eerbied voor 's Mans gedachterlisfe, moet ik antwoorden , dat iri deeze redeneeringe verfchei» den or.bewysbare en verzonne onderftellingen faamenloopen; warit,

Het gaat geenfints doof; dat de ftraf van den opgehangenen zöu verzagt en opgeheven worden , door het bevel Gods; dat hy moest begraven worden 5 zélfs niet * dat dit bevel zeer tröoftelyk voor den lyder zyn zöude, om dat het was een pand eri teken van den nitgedelgden vloek. Want;

Het wörd niet gezegd, dat door de begravinge dé vloek van den opgehangenen weggenoomen , noch dat deéze daa* Van vöor herri éeri teken éh pand werd 5 maar in tegendeel * dat daar döor de verontreiniging van het land werd voorgekoomen; en;welke vertroofting i welke wegneeming van ftrèiffe was daar in voor dén gedooden misdadigen, dat hy zulk een was j die begraven moest worden, wyi zyn langer aan het hout blyven hangen, het land Verontreinigen zoude?

Zelfs was 'er dan noch geen troost öf ftrafver» ligting Voor den opgehangenen in, al zeide dé Wet alleen, gy zult den opgehangenen begraven; want hy had dit flechts gemeen mét alle andere ter dood gebragte misdadigen onder de Jooden. Maar^ daar en boven, de letter dëf Wet riam zélf allen! foortgelyken troost voor dien opgehangenen duidelyk weg,; door, als eene réde van zyn begraven! moeten worden, 'er by te doen, want de opgehans gene h Gode eert vloek.

Wat ? het was zoo ver Van de' ftraffe re verlig-3

H ntii