Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vi INLEIDING,

gevoel; zo veel te meer wordt het bij hem opgewekt, zo veel te zorgvuldiger aangekweekt. Men ziet dit, om van andere volken thands te zwijgen, in de Grieken, wanneer men de ruwe tijden van hunne helden, bij den meer befchaafden leeftijd van Homerus, Hesiodus, en dezen wederom bij dien van Socrates, Plato, en anderen Wijsgeeren vergelijkt. Tot welk ene hoogte ook aan de ene zijde door andere omftandigheden het zedebederf fteigerde; het gevoel voor zedelijkheid en deugd werd daartegen meer en meer verfijnd en veredeld; zo al niet bij den groten hoop, althands bij hen, die dieper, dan de menigte, na dagten. En geen wonder; eigen nadenken, uit de ondervinding afgeleid, deed de meer oplettenden hoe langs hoe levendiger erkennen, dat aankweking van zedelijke gevoelens, niet alleen voor de rust van hun hart, en voor de volmaking hunner natuur, maar ook voor de veiligheid van hun leven, en voor het belang der maatfchappij volftrekt noodzaaklijk was. Wat toch kon aan billijke wetten meerder klem, wat aan de volken Merker fpoorflag geven om de wetten te gehoorzamen , dan dat zij de billijkheid derzelven , als reeds in hunne eigen natuur gegrond, erkenden , en zich tot onderwerping aan dezelve reeds door een gevoel, het welk alle wetten vooraf ging, als van zeiven genoopt vonden? welke breidel kon gefchikter zijn, om de hollende begeerte naar eens anderen eigendom , die, zelfs bij anderzins niet kwade onbefchaafde volkeren, zo teugelloos voortfnelt, te temmen, dan een diep gevoel van de heiligheid der eigendommen ? Wat was meer in Maat om den echt ongefchonden te bewaren; om ouderen behoorlijk voor hunne kinderen te doen zorgen; om dezen wederom tot liefde en gehoorzaamheid jegens hunne ouderen optefporen; om vrede en eendragt in de

fa-

Sluiten