Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

* R E I Z , E

O p den zeven en twintigften daar aan volgende kwamen wy teLintz, in den omtrek van wel. ke Stad wy een menigte graniet-fteen zagen, die reeds behouwen was, om tot trappen, fchooriteenen, en andere diergelyke huisveriierfels te dienen; cn het fcheepsvolk zeide ons, dat deze loort van fteen hier omftreeks in overvloed werd gevonden.

De Donau verdeelt de Stad Lintz in twee deeIen, welke door middel van een houten brug met elkander gemeenfehap hebben. De lengte van deze brug bepaalde ik op 3J0. naauwkeurig gemeten fchreden, die ik honderd en vyftig roeden gelchat heb , tcrwyl ons fcheepsvolk de diepte van de rivier , ter dezer plaatfe , op honderd vceten , of zeventien roeden ongevaar , begrootte. De mist, die den geheclen morgen van den agt en twintigften boven mate dik geweest was, klaarde tegen den middag op, weshalven wy zonder dralen vertrokken; en dewyl het weêr zich de volgende dagen vry helder hield, werden wy weinig in onze reis vertraagd, en kwamen eindelyk op den 31. van Wintermaand des jaars 1760. te Weenen aan.

Ik ontving in deze Hoofdftad een zeer gunftig onthaal van Hunne Keizcrlykc Majeftciten , diede Wetenfchappen en de Academie wel wilden vereeren, door hun believen te kennen te geven, dat ik aan hun wierde geprefenteerd, Terwyl

ik

Sluiten