Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van de Voorzienigheid.

17

pen is. Er is geene verontfchuldiüing zo laf, zo los, zo oogfchijnlijk valsch en nietig, die men niet gebruikt heeft om de fchandelijkfte uitfpattingen op te lieren of ten minden te verkleinen, lir is geen waarheid zo natuurlijk , zo bevattelijk, zo poi idzaakli |k , zo begrijplijk, zo algemeen toegedemd, die ni< t bi ftreden en ontkend is. Er is geen man zo edel, zo groot, zo eenvoudig, zo rechtvaardig geweest, dié niet mede door den zwerm der gewoone menfehen gering gefchat en gehoond wierd. Er is geen zedenregel die niet belachlijk is voorgefteld. Er is geen band der Natuur zo heilig, geene ftrekt zo ver op den aardbodem, als de band tusfchen Ouders en Kinderen , maar hoe veel duizend menfehen zien deeze eerde betrekking, die geheel tot hun geluk beftemd is. als een moeilijk juk aan, en treeden met geweld buiten alle veibindenisfen.

De waereld is veranderlijk, toevallig, vergankelijk, dit begrijpt een Kind: maar wijzen, die met hun hoofd tot aan 't gedernte dooien willen, hebben eene eeuwigheid, eene noodzaaklijkneid der waereld gedeld. Dat niet alles wat om ons is enkel fchijn, en loutere verbeelding onzer zinnen is, daar van kan men zich door ontelbaare dingen ieder 00genblik overtuigen, doch vond men evenwel geen lieden die het aanwezen der lighaamen ontkenden, en geloofden dat zij zelve maar een ijdel fchaduw beeld waren? Hoe weinig begrip behoort 'er toe, om intezien dat 'er een God boven ons moet zijn , van welke deeze waereld haar oorfprong heeft ? maar 'er wierden 'er egter gevonden, die of't aanwezen van God ontkenden, of de waereld zelve voor God hielden, of verfcheide Goden nevens elkander delden, of ganfche klasfen, rijgen, orders, £ ge-

Sluiten