Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28 LEERREDEN

mensch, die meer vraagt naar het oordeel van andere menfehen over zyn gedrag, dan naar het voorfchrift van zyn geweeten, uit eigenliefde handelt, om de berisping van veelen te ontgaan en om een' goeden naam te behouden, en niet uit eene zuivere liefde des naasten , en uit een oprechte zucht om Gode te behaagen?

Hoe veel zuiverer en edelaartiger deugd is het, wanneer men zich dienstvaardig en liefdcryk gedraagt omtrent zulken , die, zoo veel wy daarvan oordeelen kunnen , in geen ftaat zyn of immer zyn zullen, om onzen dienst aan hun bewezen, in eenige maate te vergelden! Vooral ook , wanneer men liefdaadigheid en trouwe oefent in zulke omftandigheden, waarin men geene voorgangers heeft, waarin het verzuim daarvan niet ligtelyk zou worden opgemerkt, of zoo het al wierde opgemerkt, echter niet tot verwyt zou ftrekken; ja waarin verre de meeste menfehen , zelfs ook die voor godsdienftig te boek ftaan, zich tot de beoefening van zulke liefdedienften niet zouden achten verbonden te zyn!

Wanneer wy ons hierby nederleggen en ons gedrag omtrent onze medemenfehen , naar die grondbeginzelen beoordeelen, zullen dan niet veelen onder ons overtuigd worden, dat, zoo zy al eenige dienstvaardigheid aan fommigen bewyzen , zy echter niet handelen uit het beginzel van die zuivere en belanglooze liefde ? maar uit aanmerkinge van eenig voordeel 't welk zy langs dien weg hopen te bereiken, of om menschlyke goedkeuringen toejuiching te bejaagen. Deeze is die liefde niet, die Paulus zoo heerlyk befchreven heeft, in zynen eer-

ften

Sluiten