Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 13 )

tot het Christendom waren overgehaald. Hy bleef 'er als toen twe jaar en drie maanden; gedurende welken tyd , hy 'er een talryke gemeente, ten dele uit Joden, dog meestuit gelovige Heidenen ftichte , en vertrok vervolgens in 54, na dat Demetrius een oploop tegen hem berokkend had , na Macedonien en voorts na Griekenland. Zyn laatfte reis die hy van daar na Jerufalem in 55 deed, nam hy over Macedonië en Troas; dog deed toen Efefen niet aan, maar liet de ouderlingen te Milete by zig komen ; waar hy affcheid van hun nemende, verklaarde, dat hy wist , dat zy zyn aangezigt niet meer zouden zien, na Hand. XX. 25. 28: En hierop volgde zyn eerfte en langdurige gevangenis te Jerufalem , en daar na te Romen. Op het einde van dezelve, (het welk na myn rekening in 't <5o'*^ jaar valQ had hy , zo als wy uit zyn brieven zien het oogmerk om te Colosfe en desgelyks te Filippi in Macedenie te komen :' Ook is hy vervolgens, zo althands de brief aan Titus uit deze tyden is, in Griekenland en op 't eiland Creta geweest, en zeker, in 't laatst voor zyn twede gevangenis, te Milete; waarfchynlyk ook te Troas na Tit. I. 5, III. 12. 2 Tim. IV. 73. 20. Dan of hy by deze gelegenheid ook weer te Efefen is gekomen, en van daar na Macedonië vertrokken is, blyft, zo wel om dat wy 'er geen toereikende berigten-van hebben, als ook eenigzins om de aangehaalde woorden uit Hand. XX. onzeker.

Het eerfte fchynt hier derhalven te zyn, dat men onderftelle, dat Paulus, toen hy na

het

Sluiten