is toegevoegd aan uw favorieten.

Beginselen der algemeene oeffenende heelkunde.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Fiftula an'tra iligmojii.

66 VERHANDELING

de kaauwing ; is fomwijlen genezen, alleen door van buiten eene korst te maaken met het Engelsch bijtmiddel of den helfchen /leen , en deeze zo lang mogelijk is te onderhouden met droog plukzel en een' gompleister ; doch vordert dikwerf eene kunstbewerking, waarvan het hier de plaats niet is te fpreeken.

§. 237. De pijpzweer des kaakboezems, is het gewoone gevolg eener ontfteking en verzweering van het Hijmvlies , 't welk de binnenfte ; oppervlakte van de wanden deezer holte bekleedt; of van eenig bederf der bovenfte maaltanden.

§. 238. Zij vertoont zig aan eenig gedeelte van het tandvleesch, of aan de buitenfte oppervlakte van de overeenftemmende wang, en wordt vooral gekend, daardoor, dat een ingebragt tentijzer eene holte ontmoet, waarin hetzelve, meer of min vrij, naar alle kanten kan bewogen worden.

§. 239. Gemeenlijk gaat dit gebrek , gepaard met beenbederf; fomwijlen met een fponsachtig uitwas, 't welk den kaakboezera gedeeltelijk of geheel vervult.

§. 240. Wanneer noch het een noch het ander daarbij plaats heeft, kan men de ge-