is toegevoegd aan uw favorieten.

Wijsgeerige verhandelingen, brieven en gesprekken.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alS

B IJ VOEGSELS

daaruit zeer natuurlijk volgen , dat eene kennisfe min waar, min duidelijk, min zeker kan zijn dan eene andere, en des niet te min met meerder kragt op het Begeerte-vermogen kan werken, namelijk wanneer het voorgeftelde Voorwerp meer volmaaktheden bezit, en ook wanneer de Ziel deze verfcheidene volmaaktheden fpoediger befchouwen kan. Dit is uit de regelen der zamengeflelde rede ligt te begtijpe„. j>

ven, dan (laat zij het Verlangen ter neder. Kier bij komt het veel aan r,p het vertrouwen op onze kragten, het welk volgens het Onderwerp, de Tijd en Omftandigheden, Gelegenheid, «nz. vetfchillende if. Verder de Nieuwheid. Hoe zeer wij aan de gewoonte ook gehecht zijn, zo vermeerderd het Nieuwe toch ons Verlangen, wanneer het maar niet geheel vreemd is. Dan, het was hier geenzins mijn oogmerk, om alle de Leden der evenredigheid, die betekend kunnen worden, op te tellen 5 ik wilde alleen maar de wezeslijkfte opnoemen , die mi) tot deze Waarneemingen aanleiding gegeeven hebben. Alle bedenkelijke Leden dezer Betrekking ; kunnen in drie klasfen verdeeld worden. Grondende zich 1) op het Onderwerp, 2) op de Ziel, of ten 3) op de Evenredigheid tusfehen het Onderwerp en de Ziel. Zij zijn derhalven Voorwerpelijk, (obje&if) Onderwerpeiijk, (fuojctïif) en Betreklijk of relatif. Hier mede fitmmen de door mij opgegeeven Leden tamelijk over een. De Voorwerpelijke raaken de hoegrootheid van een waar of fchijnbaar Goed ; de Onderwerpeiijke , de hoegrootheid van ons doorzicht; en de Betrekkelijke, het Genot, dat onze Ziel zich van zulk een Voorwerp belooft.