is toegevoegd aan je favorieten.

Geschied- en staatkundige verhandeling over het recht verstand der Unie van Utrecht met betrekking tot de heeren stadhouders van Holland en Zeeland.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERHANDELING. 85

met het Hof van Holland, waarvan zy voorzitters waren j de Rechtsvorderende macht geoeffend hebben (26): en deze macht hadt ook wille m I., uit krachte van den Lastbrief by hem van den Koning ontvangen; als by welken hem gelast werdt (27): „ de faire adminiftrer droiiï, rai„ Jon, c? juftice a tous ceulx & celles qui Ven re„ querront, de faire expedier, dcpechier & ex„ ecuter toutes provifions de juftice a ladvis du „ Confeil en Hollandedat is, ,, om te doen ad„ miniflreeren goed recht en Juftitie aan alle de „ genen, die dezelve vorderen zullen, om te doen verkenen, afvaerdigen en uitvoeren alle Provi' „ ftën van Juftitie, by advys van 't HofvanHol„ land;" hetzelve vindt men in de Hem voorgefchrevene Lnftru&ie ( s3), welke het voorgaande dus verklaart; „ Ook zal hy, door de Regters „ en Officiers daertoe gefield, goed en kort regt „ oefenen en doen oefenen omtrent alle Leen„ mannen, Ambtenaars, en Onder datten ——— ,, volgens de Privilegiën, Rechten, en Couftumen ',, der gemelde Landen, welken zyne Majefieit wil „ en verftaat, dat bewaard blyven , in zoo verre ,t de onderdanen daarvan wettig bezit en gebruik „ hebben, enz." Doch by het geen ten aanzien der Juftitie werdt vastgefteld, wordt nu deze merkwaardige bepaaling gevoegd „ zonder nog„ tans te verkenen eenige Provifie ofte admittee„ ren eenige proceduuren tegens de Ordonnantie of „ Refolutie van de Staten van welke bewoording

(26) Vergelyk van son, Acad. Verh. over bet Hof van Holland, Hoofdd. II. III. ( 27 ) Zie Bylage A.

C2*) Wagen aar, Amfierd. III. D. bladz. 485. F 3