Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

236

Lucia en Melanie,

maak zou zyn, met Lucia deelgenoot te maa. ken van die aandoeningen, welke hy by haar, verwekte. Zy zocht de tegenwoordigheid van haare Zuster en vreesde die. In weerwil nochthans van alle de wolken, die, langs hoe meer , in haar gemoed opkwaamen, dwong haare lie&te voor Lucia haar, een ftilzwygen te breeken, het welk zy geerne had willen houden,

Myne Zuster, zeide Melanie, ik willig eene neiging in, welke ik niet langer kan bereugelen , zoo fterk heeft ze by my de overhand. Langen tyd , heb ik myzelve wcderhouden, maar myne liefde kan nu niet langer zwygen... Wat toch heb ik u gedaan, lieve Zuster? Gy befchouwt my niet meer met hetzelfde oog ! Gy ontwykt myt Gy gedraagè u als een vreemde! Uwe geheimen 2.yn de mynen niet meer, en gv poogt geenzins de myne te kennen f Spreek , Zuster lief! fpreek, ik bid 'er u om in den naam der vriendfchap. Verban met my alle die omweegen; waarin heb ik u verongelykt? Zou ik, die niets zoo zeer vrees dan u temishaagcrc, u hebben konnen befcedigen.. - . Indien ik, waarde Lucia, zoo ongelukkig

had

Sluiten