Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERHANDELING,

kbhcn (S), aanmerken: dat Dr. Priestley , of de leer der Hervormde Kerk niet kent; of dat hy tegen beter weten verzwygt, dat dezelve het geloof wel duidelyk aanmerke, als eene rechte kennis en aanneeming van Gods getuigenis. Dat teffjns die Kerk, fchoon zy 't geloof niet houdt voor een wettisch werk, en onderfcheid maakt, tusfchen dè hebbelykheid, en tusfchen de daaóev; echter, het geloof werkzaam fielt* en het geloof i zonder de daar uit vloej.mdc, en daar mee gepaarde goede werken , houdt voor een dood geloof 1 en is dit voor dien man onvèrftaanbaarfcdan is hy zeer onvatbaar; maar., raar zyne befchryving, is het geloof, bet gelooven van bet Euangelie , of die kiftórifebe feiten , die in de Schriften der Euahgelisten vervat zyn (/)• Welk een gehaspel? V geloof is gelooven ; dit is het zel^e door het zelve te veiklaaren Euangelie eigenlyk de Schriften der Euahgelisten; waar blyven dm de brieven der Apostelen? bet Euangelie, of de hiftorifche feiten ; zyn' dan de leerflelür.gen geen vüorwespen van het geloof? het Euangelie, als een voorwerp des gelcofs, is het geheele Nieuwe Testament. Het gelooven van het Euaiïgelie, is geen bloot voor waarachtig houden; maar een volkoomen erkennen, en daadlyk omhelzen van dar

Evangelie. . t.

De voeder gehoor te is, volgens onzen SchryveT, die verandering van karakter en gedrag; welke doordat

(h) Bl. 247. (O BI- 247-

ƒ. Verh. &

Sluiten