is toegevoegd aan uw favorieten.

Genees- natuur- en huishoud-kundig kabinet, of Uitgezogte verzameling van de nieuwste en nuttigste verhandelingen proeven en waarneemingen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ferfchynzel op Suimatral 431

In de maand November 1775, wanneer het droog iaaro-etij over zijn gewoonen tijd hadt geduurd, en de Zuid-Oosten winden met onophoudelijke hevigheid bleven waaien, zag men de zee tot op den atftand van een mijl, en op fommige plaatfen van drie mijlen van het land, met visfchen bedekt, die op haare oppervlakte dreeven. Daar wierdt te gelijken tijde eene groote meenigte van dezelve op ftrand geworpen, of door dc eb daarop gelaaten, fommige geheel cvende, andere ftervende, maar het grootst gedeelte geheel dood. De visfehen , welke men dus vondt, waren niet van dezelfde, maar van verfchillende foort, zoo groote als kleine, platte en ronde, de kat-visch en harder overtroffen in 't algemeen de overige in getal; de menigte was ontzagchclijk groot' en bedekte het ftrand in de uitgeftrektheid van enige graaden ; hiervan was ik ooggetuige of in het zeekere berigt, en het is waarfchijnlijk, dat zij zig nog een aanmerklijken weg verder uititrekten dan ik gelegenheid had onderzoek te doen. Derzelver eerfte, verfchijning gefchiedde eensklaps; doch, fchoon zij in getal verminderden, wierden zij nog geduuriglijk opgeworpen, op fommige plaatfen van de kust ten minften een maand lang, en verfchaften den inwooneren voedzel, dat, fchoon niet van onmiddelijke flegte gevolgen verzeld, waarfchijnlijk toebragt tot de ongezondheid, met weike zij zoo ftreng geplaagd wierden. Men hadt geene verandering in het weder opgemerkt in verfcheiden dagen voor hunne verfchijning. De thermometer ftondtals gewoonlijk op dien tijd van het jaar op omtrent vijf en tagtig graaden. .

De gisfingen, welke men maakte omtrent dc oorzaak van dit ongemeen verfchijnzel, waren verfchillende en bijna even zoo verfchillende cn tcgenftrijdig waren de gevolgen, door de inboorlingen uit zulk een flegtbcduidend voorteken getrokken ; fommige voorfpelden de aanhoudendheid, andere, met even vee! waarfchijnlijkheid , het ophouden van de droogte. Wat de oorzaak belangt, ik moet bekennen mij zeer verlegen te vinden om het voldoende te verklaaren. Indien ik eene gisüng zon waagen, cn ik gceve het E e niet