Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5&*

Verhandeling over het evenwigt der lugt met x)k £wijc. in de barometers en dat der vog-

thn , die in vaten stilstaan.

{Vervolg van bladz, 420) I I.

Over het evenwigt van vogten die in vatefy Jlitjïaan.

Ï3oor de Waterweegkunde leeren wij dat vogten, die in vaten ftilftaan, door eene bolronde lijn bepaald worden, die een gedeelte van de oppervlakte moet Zijn, welke het vogt zou aanneemen, als het door geene andere oorzaaken geftoord wordende doorde zwaartekragt alleen over de geheele aarde uitgcftrekt wierdt. Doch nadien de vaten, welke wij gewoon zijn te behandelen, geene merkbaare cvenreheid hebben tot de. oppervlakte der aarde, zoo moet die,lijn, fchoon krom, ons geheel vlak toefchijnen. De ondervinding egter leert duidelijk het tegendeel, want aan de wanden der vaten vertoont zig de oppervlakte van alle vloeiftoifen vrij aanmerkelijk krom, doch niet in alle eveneens, ja zelfs in dezelfde dan bolrond en dan hol. 1

Hetgeen door de Waterweegkunde omtrent devlakke oppervlakte der vogten, die in vaten ftilftaan, bewezen wordt, moet flegts in die onderftelling verftaan worden, gelijk wij reeds gezegd hebben, dat het vogt met geene andere kragt begaafd is dan de zwaartekragt. Nadien dan de oppervlakte der vogten van die gedaante afwijkt, zoo ftaat ons hier, zoo yeel de moeielijkheid der zaak toelaat, te onderzoeken, door welke oorzaak dit mag voortgebragt Sarden,,

Dat

Sluiten