Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

154 ZEBULON.

Z E B U L O N.

„ der febepen weezen , en dus havens ht„ zitten, in alle opzigten zeer gerieflyk „ voor de Scheepvaart, ten einde deKoop„ manfehap te dryven : Het welk , by „ uitftck, op die groote Baai by de Stad „ Akko, of Plolemaïs toepasfelyk. is, die „ heeden, bekend onder den naam van „ St. Jan ei"Akre, nog tot een bekwaame „ haven verltrekt en veel bezocht wordt ,, door de Schepen , die de Zee langs „ de kusten van Syrië bevaaren. De vol„ gende uitdrukking : Zyne zyde zal zyn „ na Zidon , wyst klaar aan , dat daar „ door op de groote Zee ten Westen ge,, zien werd, dewyl Zidon, die Waereld„ vermaarde Koopftad, ook aan. die Zee „ geleegen was. Zyne zyde zal zyn na „ Zidon , is eenvouwdig : Dc zyde van „ dccze Stam,de West elyke zyde, zou zich ,, voor een gedeelte uitftrekken langs die ,, zelfde Zee , waar aan Zidon geleegen „ was." (3) Volgens den Heer Barueth kan dit zo verftaan worden : „ De zyde ,, van Zebulons havens zou zyn na Zidon, „ werwaards men uit de Havens van Ze„ bulon met groote fchepen zou heenen „ vaaren, om met die groote Stad Zidon „ Koophandel te dryven. En dus fchynt ,, Vader Jakob aan'.te wyzen, aan welke ,, Zee Zebulon zyne Haven der fchepen „ (groote) hebben zou: Niet zo zeer aan„ de Gahleefche Zee, daar wel een goede „ Vischvangst was, doch geen groote Koop' ,, handel; als wel aan de Middenlandfche „ Zee, daar Zidon aan lag, daar ook Ze,, bulonsfchcepvaart aan lag, zo naby, dat „ zelfs zyne zyde uitzag na Zidon." Zie 's Mans Jakobs Doodbedde, p. 0.17. (}) De Hoog Eerw.. Vriemoet geeft van deeze laatfte fpreekwyze eene gantsch nieuwe verklaaring. Zidon is by hem niet de zo vermaarde Koopftad van dien naam. Ware van Afer , of Naphtali gezegd , dat zyne zyde was na Zidon, zich uitftrekte na, en min of meer grensde aan het grond- eri rechts - gebied van die Stad , dat konde gaan. Maar wat kon Vader Jakob bewoogen hebben, zelfs (voorönderfteld zynde, dat de Baai van Akko het eigendom van Zebulon ware geweest) om te zéggen, dat Zebulons zyde, landftrekking, was m Zidon, daar niet llegts een groot deel van Afers Stamdeel zich langs de Zeekust, tusfehen die haven en Zidon uitftrekte;

maar daar-en-boven ook de afftand van die haven en van Zidon min of meer twintig uuren gaans bedroeg. Zyn Hoog Eerw. wil dan (NX) dat men aan V woord pTX% Zidon, de beteekenis geeve van Vischvangst. Als wanneer dat woord zou zyn af te leiden van 't woord T1V , vangen, zynde de letter 1 vav veranderd in de letter > jod, zo als by de 'Hebreen wel meer gelchiedt. 't is waar,dat 1Vi% en de daar van afgeleide woorden, in de Schriften des Ouden Testaments wel voorkoomen van het vangen van Dieren op het land; maar niet van Vtsfchen in het water. Doch in andere taaien, die met de Hebreeuwfche zeer na vermaagfehapt zyn, is die beteekenis bewaard gebleeven. In de Syrifche Overzettinge van het Nieuwe Testament is dat woord van Visfchen en Visfchers gebruikt, Luk. V: 5, 9, Matth.IV: 18,19. Insgelyks in de Arabifche Overzettinge van de evengenoemde plaatfen. De zin zou dan zyn: Zebulons zyde, landltrekking, zal zyn ter Vischvangst, te weeten , daar het paalt aan de Galileefche Zee, of het Meir Genezarelh, 't welk zeer Viscbryk was, waarom ook veelen, op de kust van die Zee woonende, zich van de Visfchery geneerden, gelyk ook eenigen van Jefus Apostelen Galileefche Visfcbers waren. Behaagt dit niet; (33) Zo wordt, by gisfinge, opgegeeven, of niet wel aan die Zee een Stad , of plaats mogt zyn geleegen geweest, Zidon genaamd, en dat konde dan wel de reede zyn, waarom de zo vermaarde Koopftad van dien naam, onderfok eids-h al ve, Groot Zidon wordt genoemd, Jof. XI: 8, XIX: 2.8. Dc Heer Vriemoet is over dit ftuk breedvoerig Obfervat. Mifcelt L. I. p. 330—341.

ZEBULON, of ZABULON. Volgens Jofepbus, J. Oorl. B. II. Cap. 37, was 'er eene Stad van dien naam in Galileê, welke.' Ptolemaïs van de Joodfche grenzen affcheidde. Hy befchryft dezelve als eene Stad, die zeer fterk en.welvaarcnde was,; ook wel bebouwd, in fchoonheid van huizen niet minder als Tyrus , Zidon en Berythus. Ze werd gebynaamd Zebulori Androon , de Stad der Mannen. Heeft nien haar in vroegere dagen dien bynaam. 'gegeeven om het dapper en manlyk gedrag haarer Inwoonercn, men had zc dan in 't vervolg wel mogen noemen de Stadt

dér

Sluiten