Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van 't Tweede Gezin der EERSTE BENDE Tab. XW. 7* Rimpels of Plooyen, welken veroorzaakt worden, door dien dat het Lichaam zelve van eenen zeer buigzaamen en weeken aart is, en door de Rups, kan inwaards getrokken, en uitwaards geftooten worden, geevende naar •t my is toegefcheenen by deze in en uithaaling, eene zeekere uitwaasfernïng van zich, welke uitwaasfeming, ik geloove van geenen deugdelyk-en aart te zyn maar eenigzints vergiftig. Of dit Tepeltje en deszelfs uitwaasfeming, welke naar alle gedachten komt uit de opening, die in 't midden fchynd te weezen , alleenlyk diend ten gebruike van het Infcft, hetwelk daarmede voorzien is, dan of hetzelve ook dienen kan, ter afweering van andereInfeften, welken mogelyk met vyandelyke oogmerken het Dier zoch:en te naderen en te benadeelen, en nu door deze uitwaasfeming, worden terug gehouden of verjaagd, kan ik niet bepaalen, bynaar zoude men zeggen dat hetzelve ook tot eigen gebruik van de Rups zelfs diende, zonder eenig oogmerk van verjaaging te hebben, dewyl dikmaals, de volwasfene Rupfen, zich geheel achter over buigen, den Kop tegen de Staart-Borftel of Pluim aan, vryvende zich alsdan al draaijende, heen en weder, over het bewuste Tepeltje.

De vyfde, 't welk teffens de laatfte vervelling was, gefchiede by de meesten van myne. Rupfen 21 Dagen na de vierde, zynde toen na deze laatfte verwisfeling van Huid, niet minder verfchillende van kleur als de •voorgaande keeren, want ik hebbe 'er gehad, welken eeven als Fig. J. op 7Tab. XVII. over het geheele Lichaam, geelachtig groen waren met een *v *■ roode StaartBorftel, paarfche Hairen, en tien roode Knoppen ter wederzyden, dezen wierden doorgaands de grootfte Rupfen, zeer waarfchynelyk dat 'er de Wyfjes Vlinders uit voortgekomen zyn, doch dit hebbe ik ei-

s gen%

Sluiten