Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Evangelie-gefchiedenisfe. Hoofdft. XXVlIl 495het geen in den voorleeden jaare in 't Paarrhf^rt. gebeurd was, toen hy dei acht-en-dw^SS gen - kranken op eenen Sabbath gezond Zemaakt had; welk werk zy opgenomen h.din

3lS ,de T'S™^ h"^TX" en dood verdiend had. Gy zelve, zeide hy, ftaat toe dat Mo/es aan u, door eene wet, de hSi belaft hebbe, offchoon d^ifiJSSB met derdaad ten tyrie der Patriarchen g"fch7ed en bygevolge ongelyk ouder is, dan de ftrenge verordeningen aangaande het nalaaten 4n afen arbeid op den Sabbath. Wanneer gy dan nu ook op eenen Sabbath een kind, acht dagen oïdzvn de, befnydt; dan ftaat gy immers toe, daX gevallen zyn, waarin, door zekere bed™ de ruft van den Sabbath niet verbroolS,2' ls het nu geoorlofd, tot behoïS^^0^ enkel lid, op den Sabbath, zulke werkILmhe den te verrichten; waarom 'verzet ^ ?SS^ zeer tegen my, om dat ik, zonder^mvtn ar beid, enkel en alleen door een woord fpSenS eenen menfche aan zyn geheel lirhJm „ j* **t heb? O^tSSS'Sn'S

Met „aauvvkejg ISt. t'?« ïm "3 gebeurde, ten minften • e Jmil^m

herinneren. e" Z1Ch Zlllks niet meer willen t»

$• 95.

Sluiten