Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN het kasteel.'

Die goede Koning, om ü hier te meer toe te verbinden , heeft u zyne Dogter toegezegd. Maar wy zyn beter in ftaat dan Priaam, om uwe vuurige begeerte te voldoen. Wy zullen van Argos de fchoonfle Dogter van Agamemion laat en komen, en ti die ten huwelyk geeven; op vöorwaarde dat uwe zonderlinge dapperheid ons helpe, om Troye te bemagtigen. Volg ons dan op onze Schepen, en wy zullen hes verdrag (luiten! wy achten ons geenzins vernederd, met een Héld, als gy zyt, tot onzen Schoonzoon te verkiezen. Na deeze bittere fchérts, fleept Idomenéus den ongelukkigen Othrionéus by de beenen; en Azius fcheurt hem uit zyne handen, t h i a d e , XIII. Boek.

* * *

Welk eenegruuwzaamheid! (riep Cefar uit.) s, Op zulk eene laage vyyze een reeds gevelden en ftervenden vyand te hoonen! Kan : er wel .', ooit iets wreeder, iets laf hartiger, worden uitge,, dagt! Hoe is het mogelyk, dat Mevrouw Dacier deeze onmenfehclyke daad kan vryfpree-

ken?" ,, Homerus zelf ftemt toe, datdee-

e, ze fpotterny allerbitterst is, en Mevrouw Dacier j, vindt ze daarentegen heldhaftig en geestig, Ziet 4, hier, wat zy daar van zegt!

i * «

Homerus heeft hief met zeer veel kunst de fckerfti HU deel. C Wel-

Sluiten