Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIE.

35

stou begeeven, om de Regeeririg daar van te verwittigen, en de noodige fchikkingen te maaken.

Een oogenblik naa dit zeggen verzogt de Heer van Toulon zyne Mede - gedeputeerden afzonderlyk te mogen fpreeken. Eene by hem opkomende bedenking ftelde hy, in een ander vertrek gegaan, hun voor. Hy maakte zwaarigheid in het verblyf van Mevrouw de Princesie binnen Gouda: alzoo hy, de Gouwenaars, zyne Stadgenooten, wel kennende , oordeelde dat, tegen het oogmerk van haare Koninglyke Hoogheid, onder het Gemeen, in die Stad, beweegingen zouden kunnen ontdaan, nadeelig voor de rust dier Stad, en welke de Prinfes zelve in onaangenaamheden zouden kunnen inwikkelen. Waarom hy in bedenking gaf of het niet geraaden ware, haar een ander nagtverblyf voor te Haan; 't zy te Woerden, het zy te Schoonhoven, zynde beide deeze Steden flegts één uur rydens van de GoejanverwelleSluis gelegen.

Dit voordel vondt algemeenen ingang en goedkeuring. Weder in 't vertrek, waar haare Koninglyke Hoogheid zich onthieldt, gekomen zynde, vonden zy haar niet meer alleen; maar in '1 gezelfchap van de Freule van Wassenaar Starrenberg, den Graaf van Randwyk en den Baron Bentinck. Naa den uitflag huns afzonderlyken onderhouds vermeld en der Prinfesfe, indien haare keuze op Woerden mogt vallen, het Kasteel, waar in zy hun intrek hadden, tot egn verblyfplaats aangeboden te hebben, B 5 fcheen

XLI.

boek.

I787. Zwaarigheid

door den Heer van Toulon gemankt in het Nagtverblyf ter die Stede.

Onderhoudhier over met haare Hoogheid. Zy bieden Woerden oïSchooiu hoven aan.

Sluiten