is toegevoegd aan uw favorieten.

Vaderlandsche historie, vervattende de geschiedenissen der Vereenigde Nederlanden [...]. Behelzende het vervolg van den jaare 1787. Ten onmiddelyken vervolge van Wagenaar's Vaderlandsche historie. Tweeënveertigste deel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIE.

79

nabyheid deezes Gelderfchen Krygsvolks en de daar uit te vreezene vyandlykheden tusfchen 't zelve, de Burger-militie en Hulpbenden fpreekende, gelastte de aangeftelde Stads Bevelhebbers G. J. Dtjmbar, G. J. Jacobsen en A. G. Besier, de noodige voorzieninge te doen, dat, zo lang 'er geen Aanval op de Stad gedaan werd of zulk bedryf gepleegd, waar uit genoegzaam bleek, dat het oogmerk deezes Krygsvolks" zou zyn om de Stad vyandlyk aan te vallen, de Burger - militie en Auxiliairen te bevelen geene daaden van geweld, hoe genaamd , te pleegen; fchoon zelfs dit Krygsvolk , onvermoedelyk op Stads Grondgebied, over den Tsfel gelegen, mogt verfchynen, of eenige andere önbehoorelyke daaden bedryven, waar van, op eene andere wyze, dan door middel van Geweld, Voldoening kon bekomen worden. Men hadt deswegen ten fpoedigften verflag te doen.

Ter verdere voorkominge van dusdanige onaangenaame ontmoetingen hadden gemelde Stads Bevelhebbers de noodige bevelen te geeven, dat, zo lang dit Krygsvolk daar gelegerd bleef, de Overysfelfche Burgermilitie en Hulpbenden zich moesten onthouden om op het Grondgebied van Gelderland, als mede op dat van Overysfel over den Tsfel gelegen, met Zydgeweer of andere Wapenen, te verfchynen, onder bedreiging van geftrenge ftraffe voor de Overtreeders.

Intusfchen betoonde de Deventerfche Regeering niets te verzuimen, 't welk de Stad

aan

L.

ï O e k.

I787.

De Stad in ftaat i^an Ver-