Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b e ft V O L K Ë R E N. tft

feen gefchikt zijn, te zullen kunnen werken — een metzelaar daarentegen, en een leidekker,' kunnen in harde vorst, en ftorm en onweder niet werken, en daarenboven hangt hun Werk* ten allen tijde van de toevallige benoodigdheden van hunne klanten af; Zij ftaan dus bloot om dikwils zonder eemg werk te zijn — dus moet dat geen, :t welk hij verdient, terwijl hij kan werken, niet alleen kunnen irrekken om hem te onderhouden , wanneer hij zonder werk moet zijn, 'maar tevens ook om hem die angstvallige cn moedelooz'e oogenblikken , welke het indenken van een zo onzeker beftaan dikwils bij hem zoude kunnen verwekken, eenigzints te Vergoeden. Waar derhalven de Verdienden van het groot?' lte gedeelte van de ambachtsluiden, het geheele jaar door eikanderen, genoegzaam ges lijk gerekend wordert met de dagloonen van gemeene arbeiders, daar bedraagen die Van de metzelaars en leidekkers gewoonlijk de helft meer, of ook wel het dubbeld van dezelve — waai' gemeene arbeiders vier of vijf fchellingen f» in de Week Winnen, daar verdienen metzelaars en leidekkers dikwils zeven en agt fchellingen , Waar de eerstgenoemde' zes , daar verdienen de laatstgenoemde dikwils

f>) Men denke altijd aan Engelfche fchellingen van omtrent 12 ft. Hollandsch. Uitgeever, Ff %

t

I O E S4

X.

OOFDSTê

Sluiten