Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIE.

233

den maaltyd, na 't Loo vertrokken waren, gehoor aan de Landftenden, en hieldt zich vervolgens op in het gezelfchap by Mevrouw van Spaan.

„ Verbeeldu,"dus befchryft Cogan het tooneel in de Diergaarde, „ een groot getal „ van de fatfoenlykfte lieden van beiden de „ Sexen, uit de Stad Kleef en de omlig„ gende Steden, die aldaar toegelaaten en „ ter wederzyden op de fchuinte van den berg vergaderd waren, van den kruin tot den voet, terwyl het gemeene Volk „ op eenen afftand geplaatst was, en, „ als het ware, eenen achtergrond vorm„ de, in zulk eene ichikking dat duizen„ den elkander niet in den weg waren. — „ De Prins en zyne Edellieden, langs „ het pad treedende, dat na het Amphij, theater loopt, bleeven liaan aan de 3, middeldeur van den achthoekigen Koe„ pel, om de uitgeftrekte ftreek lands en de romaneske tooneelen, die zich voor „ hun oog vertoonden, te befchouwen. 3, Alle de watervallen en waterfprongen „ fpooten hunne zuiverfte {traalen. De „ Muzyk fpeelde de beste Marfchen, en „ het Volk deedt de bergen wedergal,, men van Vhe le Roti Vhe le Prince de „ Prusfe! — Hy is een lang welgemaakt ,, Jongeling. Hy ftondt in eene cierlyke „ ongedwongen houding eenige minuuten ,, leunende tegen de posten van den Koers pel. Zyn gevolg ftondt te wederzyde met eene foort van ongedwonge kunst gefchaard. De menigten hingen acn de P 5 »> om-

LX.

boek.

1787.

17'óB,

Sluiten