Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Profeeten. Hoofdft. XIII. x9

heid, dat Jerobeam zyne huisvrouwe gezonden had, om naar de uitkomft der ziekte van zynen

zoon te vernemen, r Kon. XIV. Waar is

hier nu grond voor de befchuldiging van Morgan, die de gefchiedenis dus verdraait? ferobeam_beminde de verdraagzaamheid in den Godsdienft, en even daarom viel hy in den haat der rrofeeten, die nu tegen hem famenfpanden, om hem van den troon te ftooten, waar op zy hem geplaatft hadden. Morgan wend hier niet alleen de gefchiedenis naar zyn goeddunken, maar hy is onbeftaanbaar ook met zich zeiven, als hy ons de Profeeten teekent als lieden, die niet alleen by de Koningen, maar ook by de fnefters, welke het volk grootendeels aan hunne zyde hadden, gehaat waren, (*) maar hoe was het dan voor deeze Mannen mogelyk , om zulke iamenzweenngen te fmeden, en uit te voeren, daar zy de Koninglyke en Priefterlyke magt tegen zich hadden ? — Neen, wanneer wy de woorden deezer Godsmannen inzien, ontdekken wy weldra geheel andere grondbeginzels. B v. als A ka, de Grysaard, aan Jerobeams vrouw'den ondergang van zyn huis voorfpelt, voegt hy er by iKon. XIV. 14. Maar wat zal het ook nu zyn? - My dunkt , hy wil zeggen: Maar zullen zyne opvolgers het beter maken? Zal het volk zich tot den dienft van God bekeeren ? en dan volgt het antwoord vf 25. 26. dat Israël zal voortgaan met zondigen, tot dat God hetzelve

zal uitrukken en overgeven. Dit is de taal

van eenen Godvruchtigen , van eenen VaderJand-en Volks-minnaar , wiens hart bekneld is door het voorüitzigt van de onbekeerlykheid

Zy-

C) Morgan.Mova!Phi!4. Vol. ƒ. pag. 304. B 2

Sluiten