Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aS V E R,H A NjD SLING OVER

HET

EERSTE AFDEELING.

■ Over den toeftand der Kalfdraagende • Koeijen.

I- HOOFDSTUK.

Van de bevrugting en dragt der Koeijen. % i. Offchoon de bevrugting der Koeiien

1 tgTen; T mindertw'fel «SS-

dLren' Z b6Vrugtin§ der overige huis» dieren kan men egter niet, dan na verin™ van drie weeken, daar over met zekerheid oo? deelen. Want daar dit het eenig Zeker ket teken is, dat zy ophouden togtig* zyn zoo dient men dit tydpunt eerst aftewagten"? voor da men met waarfchynlykheid durft ftelïeT dat zy gevat hebben. "s

§• 2. Het is voor alle Landlieden eene <?? joegaaam bekende zaak, dat eene Koe, we bet ganfche jaar door bekwaam is om hf vrugt te worden, doch niet opader' d?gen' tyd; want hier toe word volftrekt vereischt dat dezelve togtigis, en, volgens deS twg van haare natuur, word zy Hechts od \ emde der derde week, of na verloop van ePen ■ en twintig dagen, togtig, P ea

$ 3- Niet

Sluiten