Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der Natuur, XI. Onderh. 309

daan, zullen in de andere te vinden zyn: 'sMerv eenige zyn herhaald, om de (lukken van kl^e». verfcheiden kanten te vertoonen.

1. De voorde flaanders.

2. De achterde.

3. De hovende rib of balk , een fluk hout om te binden. , /

4. Slothouten, die de bovenribben vereenigen.

5. De bomduken.

6. De bakjes, waar op de Fluweelwerker aan beide kanten de twee fchiet-. fpoelen legt, die dienen om de poolketting en de ketting van het dof te binden. Men heeft flechts een van deeze twee bankjes kunnen vertoonen.

7. De dutten der bankjes.

8. Stukken hout, waar het zit-bankje op rust.

9. Het zitbankje van den Fluweelwerker.

10. De ooren of doorboorde fchyven, om de boomen van de dof te ontvangen en te dutten.

11. De onderde ooren, dutten van den poolboom.

12. De twee rollen of boomen van de dof, draagende de ketting van het

V 3 weef-

Sluiten