Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der Natuur , XXVIIÏ. Ondèrh. 513

gen, van den hemel fcheen ontvangen te hebben, ten einde deze getuigenis, van buiten en van een' achtbaren man gekomen, den voornaemflen Perfoon een' grooten luister zoude byzetten.

De Voorlooper en Opvolger verwachj ten wel, dat zy eene nieuwigheid, die zoo wel den Jöodfchen godsdienst als de afgodery wilde affchaffen , niet fïraffeloos zouden invoeren. Ongetwyffeld zal het hun het leven kosten. Maer het befluit is genomen ; en zy vertroosten zich met de voldoening' van zich aen de algemeene nuttigheid toegcwyd te hebben. Zy genieten een vermaek, dat de harten, gefchikt tot groote gevoelens, kan verrukken , te Weten , dat zy den zuivcrften gods-: dienst, die ooit voorgetleld kan worden, onderwezen hebben.

Onze twee Wysgeeren, Iterk bezield met het heerlyke lcerftelfel, om God in alles te eer en, uit liefde tot de orde, en aen de famenleving al het mogelyke nut te bewyzen, bemerken in hun volk een vooroordeel, Waeruit zy meenen voordeel te kunnen trekken. De Joden, toen onder het juk van eenevrcem-

XV. Deel. Kk de

EüANGELISCHE BETOOGINO.

Sluiten