Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN DE AGTER-LOGES DER VRIJE-METSELARÏJ. 22?

Meester, en de zinnebeeldige gefchiedenis verhaaien, van welke de diepe geheimen der Orde niet dan de verklaaring en ontwikkeling zijn.

Bij dezen graad van Meester Metfelaar is de Loge met zwart behangen; in het midden is een' foort van lijk-baar, op vijf trappen verheven en met een doodkleed bedekt; de Broeders Haan rondom in de houding der droefheid en wraakzucht. Wanneer de aanneemeling is ingeleid, verhaalt de Achtbaare hem de volgende gefchiedenis of fabel:

Adoniram was door Salomon aangefteld tot de betaaling der werklieden die aan den Tempel bouwden. Deze werklieden waren drieduizend in getal. Om een ieder het loon te geven dat hem toekwam, verdeelde Adoniram hen in drie clasfen, leerlingen, medgezellen en meesters. Hij gaf aan ieder derzelven hun woord en tekens van aanraaking om herkend te zijn. Iedere clasfe moest deze tekens en woorden ten uiterften geheim houden. Drie medgezellen, zich het woord, en daar door het loon der meesters willende verfchaffen, verborgen zich in d«n Tempel, en ftelden zich vervolgens ieder aan eene bijzondere deur. Op het oogenblik dat Adoniram gewoon was den Tempel te fluiten, vroeg de eerfte medgezel, dien hij ontmoette het Meesterivoord. Adoniram weigerde hetzelve cn ontving eenen zwaaren ftokflag op het hoofd. Hij poogde door eene andere deur

te

Sluiten