is toegevoegd aan uw favorieten.

Het waare wezen van het kristendom, volgens de uitspraaken van Jezus en zijne apostelen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

82 II. Hoofdst. De geloofsleer.

ligheid zamen ? Driften, of hartstogten, eene hieruit voortfpruitende eenzijdigheid, fchending der beloften, verzoeking van den mensch tot het kwaad, wreedheid of onbarmhartigheid — niets van dit alles kan in een zuiveren en volmaakten Geest plaats hebben. Uit Gods liefde en heiligheid kan ik ook de andere deugden , als wijsheid, barmhartigheid en regtvaardigheid afleiden: of liever zij liggen in dezelven opgeflooten. Een wezen, dat zodanige volmaaaktheden bezit, is het, ten hoogften, overeenkomftig, eene waereld te fcheppen, en in derzelver vorming alle zijne aanbiddelijke eigenfchappen, op het glansrijkfte ten

toon' te fpreiden. ■ De waereld gefchaapen

hebbende, behoort hij, op welk eene wijze ook, te zorgen, dat zijn werk in denzelfden ftaat blijft voortduuren, tot het. oogenblik van

deszelfs flooping. Dus behoort hij nog

meer voor den mensch te zorgen, die, volgens zijne natuur , boven alle andere redenlooze fchepzelen, Gods vaderlijke zorg behoeft; uit hoofde van zijne voortreffelijkheid boven dezelven , die zorg het meest verdient, en die, een vrijwerkend wezen zijnde, zonder verlies dier vrijheid, door geene algemeene wetten geheel geregeerd kan worden. Zonder eene zedelijke werking in den mensch, kan ik mij, van den eenen kant, geene Voorzienigheid voorftellen; van de andere zijde, van den mensch, geene