Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AAN MYN* VRIND,

D. A. VAN DE WART.

."Vergun de vrindfchap, die ,op 't groot tooneelvan'tleven,

Aan uwe hand, myn rol my moedig fpeelen deed, Dat zy één lauwerblad in uwen krans moog' weeven ,

Terwyl uw eersteling voor 't oog der waereld treed! Gy fchetst, met warm gevoel, eene onvervrelkbre liefdé , Daar gy grootmoedigheid in 't heerlykst licht vertoont. Hoe treffend is de fmart, die Emmaas boezem griefde ! Hoeglansrykblinkt dedeugd.die'tharthaarsvrindsbewoont! Met welk een tedre zorg is 't moederhart bewogen

Voor haaren zuigeling ! wie fchreit niet, als zy 'tkmd, Daar zy van rouw bezweek , door droefheid neêrgebogen , In d' arm van Ferdinand , haar'dierbren , wedervind!

Wien

Sluiten