Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 3 )

baar, zoo befiendig, 'dan de Onbeftertdigheid. Alles wat binnen de onmeetelyke Grenspaalcn> van hec Heelal vervang n is, fcheint haar onderworpen te zyn, en niets van dit alles is aan dezelve onttrokken. Van, het eerfte tydftip dat de onbegrypelyke Almacht het ydei Ruim met floffert vervulde, — van de aanvang der Waéreld tot nu toe , is eene aaneenfchakeling van Veranderingen. Uit eene digte nevel van nooitgeziene fchepzelen, komen duizende van Waerelden voort. —• Eene Chaös, omgord met den Oceaan , fteekt den rug door de W ateren, en verdeelt zig in Landen en Zeen. — De dorre Velden worden lustryke beemden, en vertoonen de bekoorelykhederi der drie bevalligfte Tydfaizoenen. De Donkerheid wordt van de nieuwgevormde Dachtoorts vervangen j — een Zon verfpreid de fchoonfte glans Over het halve Aardryk, en bezwangert het jeugdig Gewasch. Welk een groot Konstftuk befchouwen we, by het terug zien op deze pasgcgevormde Waereld! een ontzagchelyk Gevaarte,voorzien van al wat fchoon en heerlyk is, eenent Aardbol , wentelende rondsom het Zonnelicht. Hoe luifleryk komt de IViorgenwekfter de blinkende Bcrgkruimen naderen; — met welk eene liefkozende ademtocht word zy van Eurus ver-

wellekomc! De Nacht gaat fchuil in het

Westen , terwyl de Dag door de Öoftertranfen aanbreekt: terwyl de Aarde haare tedere Telgen zoogt, om van de naderende Middag gekoeftert te worden. Met hoeveel majesteit fnelt zy

naar den Avond ï De glans die zy van haar'

geeft , boezemt Goddelykc eerbied in. Maar waartoe al dit fchoone , dit wonderkonftige, dit onnagaanbaar werk van de onbegrypelyke God A 2- beid!

Sluiten