Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

%i HET JAAR TWEE DUIZEND

Wij hebben niets aan het geval overgelaaten \ dat is een oud woord, dat geenen zin heeft en geheel uit onze taal verbannen is. Het geval is hetzelfde als onkunde. Arbeid, fchranderheid, geduld , deeze zijn de werktuigen, welke de Natuur dwingen om de geheimfte fchatten te ontdekken. De mensch heeft van de gaaven, die hij ontvangen heeft, alle mogelijk gebruik geweeten te maaken. Hij zag de hoogte, waartoe hij kon opklimmen , en hij ftelde zijnen roem om in de oneindige ruimte optezweeven, die zig voor hem opdeedt. Het leven van eenen enkelen mensch is, zeide men, te kort. Wel nu! wat hebben wij gedaan ? Wij hebben de kragten van eiken bijzonderen mensch vereenigd. Zij hebben eene verwonderlijke uitwerking gehad. De een volbrengt dat de ander begonnen heeft. De keten wordt nooit afgebrooken; elke fchakel hecht zig fterk aan den fchakel daar nevens; dus ftrekt zij zig uit in de ruimte van verfcheiden eeuwen; en deeze keten van denkbeelden en agtervolgden arbeid moet nog eens het heelal omringen, omvatten. Het is niet het belang van eenen perfoonlijken roem alleen y het is

het

zig bedrogen hebben; men kan uit hunne gezegden geea nut trekken, om den afftand der plastfen en de moeilijkheid om hun verhaal op enig wezenlijk voorwerp toetepasfen.

Sluiten