Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 36 )

van Orléans ftelde zich ten minften fchadeloos door de zoetigheid der moederlyke tederheid, van de ftrafheid van een gemaal, welken zy nooit opgehouden had te beminnen; niet tegenftaahde zv zóó veele reden had om hem te haaten. Onveranderlyk aan haare plichten gehecht, was zv niet gelyk veele andere Vrouwen, van gevoelen, dat de trouweloosheid van een gemaal haar het recht van wedervergelding verfchafte. Zy bleef ftandvaftiglvk deugdzaam, midden tusfehen de aanftootelykheedcn, welke haar van alle kanten omringden; en wanneer ganfeh Vrankryk den Hertog lasterde. — Wanneer deeze zelf zich in gelvkheid ftelde met dc grootfte fchurken, zag zy in hem met anders dan een gemaal, aan welken zy haar trouw gegeeven had— niet anders dan de Vader van haare kinderen.

D'Ori.éans volftandig in zyne grondbeginzels ' en in de regels, welken hy zich zeiven h..d voor^efchreeven, bleef geftadig voortgaan, met de ftoutheid der ondeugd en overdreevenfte bedorvendheid, in den hatelyken weg, dien hy zich gebaand had. Den overmaat van rykdom, welken hy verkreegen had deed zyn gierigheid nog grooter worden. Maar'deeze laatfte hartstogt, wierd welhaast bedekt en byna verflonden door een andere drift, waar van de omftandigheeden de ontwikkeling vermeerderden, en die welhaast geheel 111 het hart van Philippus heerfchte Wy willen hier van de heerfchzugt fprceken. Dit ge. voelen, 't geene gemeeneiyk uit een edele bron haaren

oor.

zoodanig een post te bekleeden, dan had 'er die Dam» zoo veel recht toe, als een ander; maar.... wy zullen dit verder ililzwygend voorbygaan. De taak van de allergeilre»gfte berisping omtrent een menlch te moeten aeffenen, om het Tafereel der ondeugd in deszelfs verfchrikkelyke naaktheid bloot te leggen, is reeds onaangenaam genoeg. Wy zullen ons zeiven al het geene verbieden; wat een geaaante van fchimp aan onze pen zou kuinea geeven,. het geene het onderwerp, dat wy verhandelen, fiiec noodeaakelyk z#u maaken.

Sluiten