Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 501)

X*. komen, op prene van met den zwaarde geftraft te werft den, dat 'er de dood na volgt."

En toen Egbert Buys, den 22 November 1754? voor den tijd van Zes jaaren wierd gebanne uit de Stad Utrecht en de Vrijheid van dien, mitsgaders uit de Hooge Heerlijkheid van Vreeswijk, gefchiede dit met interdictie om, geduurende den voorfz. tijd, daar weder inne te komen op ptene van fwaardere ftraffe : , Bevat de Sententie, bij contumacie tegen j. v. d. B. (noch maar weinige jaaren geleeden") geweeze, niet eene volkomene Condemnatie over zijn delict van ontvreemding, en de pcene, die hij met ftraffe aan den Lijve zoude ondergaan hebben, als mede het confinement ten zijnen koste, indien hij het Bannisfement mogte overtreeden, dat hem bij contumacie, zijn keven lang geduurende, wierd opgelegt?

830. En daar de Beklaagde 2ich' thans buiten ftaat oevind, en ontzet is van de mogelijkheid, om gebruik te kunnen maaken van zodaanige andere ftukken en papieren, die hij niet bij zich en dus niet voor handen heeft, welken zouden kunnen dienen tot een onwraakbaar betoog van 's Gerechts naauwe gezetheid, om niet anders, dan in gevolge van het richtfnoer, bij de laatstgemelde Ordonnantie voorgefchreeven, te bannen, en dat dit in de gevallen van contumacie genoegzaam altijd, als een vaste ftfjl voor het Gerecht van Utrecht, is gevolgd;

Zo kan de Beklaagde zich gerustelijk beroepen op de Registers van Crimineele Sententien van den Gerechte derzelver Stad, ten bewijze, dat men in cas van contumacie geene Vonnisfen, inhoudende eeuwigduu.

Ii 3 rende

Sluiten