is toegevoegd aan uw favorieten.

Florentin van Fahlendorn.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C s )

Vriend! waar beweging is, daar is God! & en waar God is, daar is zaligheid! — Wat kan de Zon er voor, dat de blinde haar niet ziet? en God, als de menfch zijne zaligheid niet gewaar word? — Schmid'omarmde rnfj ] en zweeg.

Ik werd eene zonderlinge verandering ffi mijn gemoed gewaar; altijd heb ik menfehen üef gehad , maar thans voelde- ik iets onbefchrijffelijks. — Mijne liefde jegens allen , die op het Schip waren, was onbegrenft; den geringften cn ruwden Matroos ztmde ik -hebben kunnen omarmen en kusfehen ; -ook konde ik mij niet onthouden , jegens ieder een buitengewoon vriendelijk te zijn. — Ik zag ons allen als een zeer eenzaam gezclfchap aan, 't Welk eene afgezonderde kleine waercld alléén bewoonde.

Wanneer ik dan zomtijds het wilde gejoel, de grollen, en het ruwe leven van het Scheepsvolk gade floeg , dan bedroefde ik mij uittermaten. — Heer! dacht ik: hoe is het mogeijk? — één- doeleinde, één gevaar, éé'nejtêi bezigheid , en ééne gezellige band verbind orls thans allen tot één lichaam; zouden wij dan nïït allen malkander lief hebben met eene volfoJmènë liefde ? — Deze gewaarwordingen A 3 ent-