Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Honderd en Twaelfde Brief. 40

anderendaegs liepen de vrouwen door het ?, dorp fchreeuwen: verzamelt u, gij jonge t, krijgslieden; wapent u met uwe knodfen;

gaet den doodt van onze broederen wre-

ken; fla-doodt, vernielt, verdelgt, ver„ brandt hunne vijanden ; brengt ons flaven „ toe ; eet hun hart; braedt hun vleesch; „ drinkt hun bloedt; veroovert hunnehoofd„ fchedels, en maekt drinkfchalen van hunne „ bckkeneelen, enz.'

„ De manier, waerop deze volken öorlö„ gen, maekt een handvol van hunne krijgs. „ lieden verfchrikkelijker , dan eene bende „ van twee of drie duizend Europefche fol„ daten. Zoo dra zij in het vijandlijke landt

gekomen waren , verdeelden zij zich in „ verfcheidene hoopen. Men zei tot den „ eenen, men geeft u dit gehucht te eten, „ cn tot den anderen, men laet u dat dorp ,, over. Vervolgens gaf men het teeken, „ om gelijkelijk, op denzelfden tijdt, alle „ de verfchillende plaetfen aentevallen. Ort„ ze krijgslieden verfpreidden zich meer dan „ zestig mijlen over het landt, en verdelgden ,, alles wat zij van de Engelfehen, in derzel„ ver woonfteden , verfpreid vonden. Zij ,, doodden'er meer dan twee honderd, maek„ ten honderd en vijftig krijgsgevangenen, „ en hadden aen hunne zijde niet dan eenU „ ge ligtgëkwetften. Zij kwamen van deze

krijgsverrichting' te rug , hebbende ijder

X. Di;l. D „ twee

Sluiten