Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In hoeverre

|cocrrojeer-

de Maat-

fchappijc en

Gildcns

naadcelig

Cfjo.

gerftand', geeft en leven aan dezelve ge*? Ven. .

$ a8.

Ik zal om regelmaatig voort te kunnen gaao eerst twee notable poinclen onderzoeken —■ bellaande ten eerfte, of geocïrojeerde handeldrijvende Maatfchappijen, of enkelde daartoe Beg'tmftlgde perfooncn, voor het algemeen belang voordcclig zijn; en ten tweede, in

hoe verre dc gildens nadeelig zijn aan de Industrie, ■— en dan zal ik naar eenige voorbereidende aanmerkingen, mijne voorteftellen middelen tot verbeteringen inrigten , naar de öorzaaken van het aangeweeze verval, en opgegeeve grondregelen over den koophandel van § 7. tot ^ 23. ingefloote».

S 29.

Om over hef voor of naadeelige van geoctrojeerde Maatfchappijen grondig te kunnen oordeelert — moet ik eerst een algemeene in' den koophandel aangenomen grondregel vast-

ftellcn. Al wat de algemeene Industrie

bevorderd, is voordeelig ; — en omgekeerd, al wat de algemeene Industrie verhinderd j

ii

KadceTen

der KcoctroS erde t Maatfchappije. (

Sluiten