is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe overzetting des Nieuwen Testaments met aanmerkingen voor ongeleerden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ir<S HANDELINGEN deÊ APOSTELEN.

den gebouwd zijn, zoö als de Profeet zégt: ƒ de Hemel is mijn Troon, en de Aarde is 40* mijne voetbank. Wat voor een huis wilt gij mij bouwen? fpreekt dé Heer, of welk oord zal mijne rustplaats zijn? j Heeft niet 50 mijne hand dit alles gemaakt ?| Gij halftar 51 rigen, gij Onbefneedenen van harten en ooren, gij wederftreeft altijd den heiligen Geest, zoo als uwe Vaders het gemaakt hebben, maakt gij het ook.j Welken on- 52* der de Profeeten hebben uwe Vaders niet vervolgd? en die genen gedood, die voorzegden , dat deze Rechtvaardige zou koomen, wiens Verraaders en Moordenaaren gij ge-

wor-

vs. 48. zoo als de Profeet zegt] Jèfaia, Hoofdd* LXVI: 1. a:

vs. 51. gij onbefneedenen van ooren en harten] Van de Bèfnijdenis en Voorhuid des harten, der lippen, en der ooren fpieeken reeds Mnfes en het Oudé Testament;' maar welligt beteekent Ohbefneeden van hart bij Mofes iets anders, dan in de Redevoering van Stefanus

Onbefneedenen van harte zullen hier zijn, of da zulken, wier hart onrein is , of, volgends' het gebruik der Arabieren, die een gevoelloos hart hebben, en de waarheid niet erkennen kunnen, als 't ware een dek» zei op hun hart hebben. Hoe vreemd bet ons ook mofje voorkoomen, fïellen toch befnefidene Volken, onder de Zwarten in Afrika, zich onbefneedenen ald zeer dom, en zelfs voor geen verftand vatbaar voor, COldendorps Misfionsgefchichte Wadz. 297.) Onbefneedenen van ooren zijn, die niet hooren kunnen of willen, als 't ware, een dekzel of voorhuid voor de ooren hebben; doch ik wil liever, ter verklaaringë Je.: remia's woorden uit Hoofdd. VI: 10. affchrijven; n hun oor heeft eene voorhuid, en kan niet hooren"