is toegevoegd aan je favorieten.

Sophia's reize van Memel naar Saxen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Natuur," gelyk eea zeker Dichter zegi^ '„ luisterde met een eerbiedig ftilzwygen." Ik gevoelde by elke ademhaaling dat de lucht dikker wierd, Het kan misfchien. eene verbeelding van my zyn, dat het water langzaamer itropmde dan op andere tyden, maar, dat deszelfs oppervlakte gedrukt wierd, dat zou ik byna durven verzekeren. . Zelf% in het geduurig uit het water fpringen der visfehen meende ik iets voorbeduidends te kunnen vinden. Het was nog eerst drie uuren na den middag, maar alle vogels verfchoolen zich , op den grond, onder, de heesters, tusfchen dikke takken, en in de holle, boomen. Niets bewoog zich dan de nog flaauwtrillende abeelenbladen. De kikvorfchen gaven een zeer droefgeestig geluid, en langzaam kwamen de donderpadden uit hunne fchuiïhoeken aankruipen» Myn hart verhief zich, want ik geloofde , dat de algoede God thans zeer naby my was. Ik hoorde het zingen in allen de boerenhuizen rondom my, en. wat ik anderzins ook van dergelyke noodgebeden mooge denken, zo was het my echter thans aangenaam; te overweegen, dat de gedachte aan God zo algemeen jn ons gantfche dorp heerschte. Een oude inwoonder viel my thans eerst in het oog, maar hy had my niet gezien. Hy knielde aan den oever der rivier, en ontblootte zyn genoegzaam kaal hoofd- Hy fprak niet, maar uit zyne oogen, die naar de dreigende wolken gericht waren , rolden traanen op zyne zaamengevouwene 'handen. Ik trad terug om het aanbieden van eene zo eerbiedige offerhandeniet te ftooren. Thans begonnen 'er zich eenige witte fireepen over de onweerwolken te verfprei-

den. —<»