Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 22 ) ' f |

„ deze zyne houding onvermydelyk Was ; ik merkte „ het aan als eene, ik weet niet welke, foort van M gemeenzaams aanraaking; ik vatte hem by de hand, „ en wilde hem verzoeken, ten einilc deze zaak geen „ gevolgen mogte hebben , met ipeelen voord te „gaan, als hy opdond, en in het opftaan dilletjes s, tot my zeide: doe my het vermaak, het fpel aftelt breeken!— Ik merkte, dat hy geloofde, dat ik, „ gelyk men zulks ook ltilzwygende toegelaaten had, „ hier de hoofdperfoon was, en de zaak dus het best „ kon doen eindigen. Maar ik overdagt, dat, indien „ het gezelfchap thans fcheidde, zyne drift, die al „ vry derk was, in het uitgaan tegen die beiden zou „ kunnen gaande worden; en ik hoopte, dat zy het „ veiligde zouden kiezen, en eer dan hy vertrek „ ken: hoe onaangenaam derhalven het fpel my „ thans was, vcrzogt ik hem echter, hetzelve te „ vervolgen. — Hy deed het met veel bevalligheid; „ doch net weinig of geen oplettendheid. Was het, „ dat zyne onoplettendheid hun eenige vrees aanjoeg V of wilden zy zich dezelve te nutte maaken ? genoeg, „ zy zweegen, en droopen dilletjes weg. In deze „ verdrooijing van gedagten geraakte hy, thans voor „ de eerfle reis, in het geval, dat hy pand moest „ geeven: Hy gaf, tot pand, met een' veel beteke„ nenden, voor my alleen merkbaaren, glimlach, dat „ noodlottig papier aan my over, want ik was pand„ bewaarder (*> — Met welke hartklopping, ech-

„ ter

(*) Men vind het, nevens zyne Gefchiedenis, in 't aangehaald IV. D. bl. 876. en vervolden».

Sluiten