Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'der Systematifche Godgeleerdheid. 33

dat van zuivere waarheidliefde gloeit. Jo- L hannes is in zijne voordragt vrij gelijk aan eeu w. zijnen lieven Meester: (*) zijne voordragt is ligt, onderfcheiden, bevatlijk , zacht en teder, doch ook deftig en krachtvol, vooral in de brieven. Jakobus fchrijft eene leevendige, fchoone, taal, en heeft zelfs veel poëtisch, (f). Van allen onderfcheidt zich paülus; zijn voorHel is openhartig, vrijmoedig, zieltreffend; hij oordeelt fijn, en befluit juist $ hij bewijst naauwkeurig , en overtuigt dikwerf verrasfend. Hij had weldefchriftert der Griekfche wijzen, vooral die van plato geleezen, gelijk men opmaaken kan uit Rom. VI, VII,enVIII(S).Maarhij was toch eigenlijk geen Wijsgeer, en bediende zich geheel niet van Wijsgeerige betoogen en redekunftige pronkerij* 1 Kor. II. 1. en volg. (**)

XII.

Zo leerden de Apostelen het volk, om het zelve tot het Kristendom te bekeereh;

. (*) Zie MiCHAëus 'tz.b. II. bi. 356, en 357; 't Komt MiCHAëus zelfs voor * dat hij reeds bij jesus leeven 't eene en andere van deszelfs redevoeringen opgefchreeven heeft.

Ct) Mich. 't z. b. II. bl. 6911

(§) Mich. 'tz. b. I. hl. 292.

Over den verfchillenden fchrijffrijl der Apostelen zie men wijders MicH. 'tz. b. I. bl. 85 , eri volgg.

c

Sluiten