is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandelingen over de voornaamste waarheden van den godsdienst.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

44° van den godsdienst

phus, die de eerfte was die 'er gebruik vanmaakte, houd het niet eens voor recht gefchikt om de zaak uit te drukken ; en deeze is door moses zomin het eerfte uitgevonden, als zy in eigendom alléén tot zyne inftelling zou behoren. Het was eene algemeene zaak by alle oude Godsdienften, dat zy met den Haat waren verbonden. De grond hiervan lag reeds in de famielieftaaten. Melchisedech, en de patriarchen, die vorilcn en tevens priesters waren , zyn 'er bewyzen van. Uit de famielieftaaten ging dit in de grooteren over. Naarmaate de veelgodery toenam , vermeerderden de theocratiën. Ieder volk hield zynen God, dien het aanbad, voor den ftichter des ftaats en zynen landsgod, door wien het byzonderlyk wierd befchermd. Dus wierd, in Egypte , de opperfte Godheid , de zon , o s i ïu s , de opperfte natieonaalgod en koning. — ln de verhandeling, over moses leeringe van God, heb ik reeds gezegd , dat hy niet gehcelënal heeft kunnen vermyden den jehovah aan de Ifraëlieten als zulk eenen God voor te Hellen: want, zy zouden, anderszins, geloofd hebben dat 'er voor hen in 't geheel geene Godheid ware. En wezendlyk kon hy hen zyne inrichting als zulk eene theocratie voorHellen. De natieonaalgoden van andere volken waren vergoode fchepfels en ingebeelde Godheden; zo ook hunne theocratiën. Maar, het land, welk de Ifraëlieten thans betrekken

zou-