is toegevoegd aan uw favorieten.

Romeinsche geschiedenissen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I

geschiedenissen. 441

mededinging weder tot die waardigheid verheven had, drongen op dat voorftel aan, zonder dat de tegenwoordige Over- 1 heden kans zagen, om zich van hetzelveJ te ontflaan. 'Er waren reeds zoo menig-] vuldige middelen beproefd, om zedert zoo veele jaaren, dat men eens het befluit tot zulk eene landverdeeling genomen had, een voorftel te ontwijken, het geen in deszelfs werking eene vernedering der aanzienlijkfte geflachten ten gevolge moest hebben, dat men thands bij het wederophaalen daarvan waarlijk raadeloos was. In die verlegenheid waagde het de jonge ap. claudius, de kleenzoon des Tienmans van dien naam, den raad van zijnen Overgrootvader weder in het geheugen te roepen, om, naamlijk, door vleiende onderfcheiding van eenige Gemeensluiden eene verdeeldheid en werkeloosheid in het geheele genootfchap te brengen; welke raad weder, als het eenige redmiddel van de bedreigde inkomften der Grooten en van de rust van het gemeenebest, eenpaarig omhelsd werd. De laagfte vleijerij van de voornaamfte Raadsheeren jegens Ee 5 af-

ii.

BOES

vii.

IOOFDST.

voor C.

413. . van R.

339-