is toegevoegd aan uw favorieten.

Romeinsche geschiedenissen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

44E R.omeinsche

II.

BOEK

va

HOOFDST.

J. voor C.

4'3J. van R.

339-

i i

1 ^ 1 1 I l t I I

afzonderlijke Gemeensluiden bereikte ook weder haar oogmerk: zes leden van dat genootfchap lieten zich door derzelver geveinsde vereeringen overhaalen, om zich tegen hunne ambtgenooten te verzetten.

Wanneer men voords, volgends geheime afpraak, den Raad kennis gaf van eene gewaande misleiding des Volks door maecilius en metiliuSj lieten zich de voornaamfte leden hooren , als jagen zij geene andere toevlucht dan bij le eerlijkheid t der overige Gemeensmanlen, en terftond betuigden daarop de zes jmgekogte Volksvertegenwoordigers, dat :ij het voordzetten van een voorftel niet :ouden gedoogen, het geen de Raad zoo ïeilloos voor het gemeenebest hield. Nu varen alle de Raadsheeren mild met hunnen of voor deze tusfchenkomst, en fchoon lAECuius en metilius die zes mbtgenooten als verraaders van 's Volks idangen en verachtlijke flaaven der Grooen in eene redevoering bij de menigte en toon ftelden, waren zij echter verlicht, hun mislukt voorftel te laten zitten. De volgende Krijgstribunen hadden eene

vreed-