is toegevoegd aan uw favorieten.

Byvoegsels en aanmerkingen voor het negentiende deel der Vaderlandsche historie van Jan Wagenaar.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AANMERK, op het XIX. DEEL. 89

Terestein van Hale'wyn, Heer van Abbenbroek , die, in Louwmaand daar aan , toe de waarneeming van het Raadpenfionarisfchap, gedunrende de aanhoudende ziekte van den Heere van Slingblandt, benoemd wierdt,alzo de Heer Visscher mede onpas» lyk was geworden. (0) Toen, in 't jaar 1732, de Raadpensionaris van Slingelandt, op nieuw, moest beëedigd worden, was dit gefchied door den Penfionaris van Dordrecht, doch niet zonder tegenfpreeken der Ridderfchap: (/») 'ook wierdt, kort daaraan, beraadflaagd, over de vraage, hoe en door wie» , het Ambt van Raadpenfionaris, voor het toekoomende, zou worden waargenomen, in de Vergaderinge van hunne Edele Grootmogendheden , „ by vacature, ziekte of abfentie": waar omtrend, hoofdzaaklyk, gerapporteerd wierdt, dat, in zulk geval, de eerfte tegenwoordige Heer der Ridderfchap de Staaten zou by een roepen, en hun, alsdan, die vraage zou voorftellen, waarop zy, een' perfoon zouden magtigen, ter volledige waarneeminge van dit ambt in hunne Vergadering , zo egter, dat de benoemde , flegts van de eene, tot den eerden dag der volgende gewoone, Vergadering, zou. mogen dienen, ten zy hy, op nieuw , wierde aangefield. Dan dit Rapport wierdt overgenomen by de Leden , (q) zonder dat er gevolg

Co) Refol. v»n Holl. 12 Nov. 1728 ;

C?) Refol. van Holl. 26 Aug. 1632.

C?3 Refol. van Holl. 27 Aug. en 4 Sept. 1732»

F 5